De schoot
Door: Desiree Vos op 21 juli 2011

Een druppel water prikt in Regina’s gekloven lip. Regen, ook dat nog.
Ze trekt de capuchon van haar vest over haar hoofd en kruipt voorzichtig verder onderuit. Hoe lang ze nu al zo ongemakkelijk gehurkt tussen twee overvolle afvalcontainers zit weet ze niet meer, maar de gordijnen voor de ramen van het huis waar ze haar blik op heeft gefocust zijn nog steeds gesloten. Eerder had ze vreselijke krampen gekregen en was de walm van kattengrit, kliekjes en wegwerpluiers haast ondragelijk geworden. Doch deze schuilplaats bood het beste uitzicht en de afstand voelde weliswaar veilig. Want hij zal haar gaan zoeken. Maar niet hier.

Rick’s woorden hadden haar altijd het diepst geraakt: "In de goot hoor jij thuis, ondankbaar stuk vreten!" Zijn klappen niet. Die had ze maar even gevoeld, voordat ze buiten westen raakte. En soms was ze dat al voordat zijn vuisten bruut haar hoofd en gezicht raakte.
Dus is ze waar hij haar hebben wilde.

Terwijl het steeds harder begint te regenen voelt haar mond steeds droger aan. Bijna, verzekert ze zichzelf. En voor de zoveelste keer reikt Regina naar het lemmet dat als een gloeiende plaat tegen haar natte rug plakt. Alsof het niet nog steeds onder haar bh-bandje verborgen zit? Staal op huid, sissend van haar zweet, tot leven gewekt met haar bruisende hartslag. Wilde ze hem echt neersteken? Alsof ze dat durfde. Zijn blik alleen al zal haar doen verstijven. Maar ze heeft het plan dat ze smeedde in gedachten al honderd keer uitgevoerd. Ze zal geduldig wachten tot hij naar buiten komt en op de auto af zal stevenen. Met zijn rug naar haar toe zal ze kans zien hem aan te vallen. Van achteren, onverwachts. Zoals hij bij haar doet.

Regina was toen net de tomaten aan het snijden geweest toen hij achter haar was geslopen, het mes uit haar handen had gerukt en haar jurk omhoog had gestroopt. Ze wist dat er geen uitvluchten meer mogelijk waren. Ze klaagde niet maar de laatste dagen had ze zich niet zo lekker gevoeld. Daar zou ze vroeg of laat voor boeten wist ze. Want hij nam simpelweg waar hij recht op had. Zijn uitbarstingen waren in de loop van de maanden steeds erger geworden. Na afloop bood hij niet eens meer zijn excuus aan. Hij wist toch wel dat ze niet bij hem weg durfde te gaan. Bovendien, waar moest ze heen?

Er brandde licht nu. Hij is wakker! Regina vermoed dat hij onderhand het huis wel aan het doorzoeken is - buiten zinnen van woedde. Schreeuwend dat ze tevoorschijn moest komen, dat ze een aanstelster was, waar ze het gore lef vandaan haalt en ze er zelf om vraagt een lesje te krijgen met dat eeuwige gezeik.
De neiging om te kokhalzen is onbedwingbaar. De golf braaksel die volgt klettert over de stoeptegels. Niet nu. Alsjeblieft, niet nu. En ze zucht diep.

Voorovergebogen had ze hem zwijgend zijn gang laten gaan. Omdat het dan sneller voorbij zou zijn. Onderwijl had ze een handvol tomaten tussen haar vingers fijngeknepen. Het had net bloed geleken. Waterig bloed, met stukjes. Ze had hem horen vloeken en kreunen. Haar buik tegen de rand van de aanrecht voelen stoten. Harder en harder, tot er iets was geknapt en ze niets meer had gevoeld. In elkaar gezakt was en achtergelaten  in de keuken. Als een zak vuil.

Een onmiskenbaar vlammende pijn schiet door haar lende. Tussen haar benen begint het warm en plakkerig te voelen. Ze bloedde! Nee toch? In paniek trekt ze haar onderbroek uit en kan niet anders dan weer op haar hurken gaan zitten. Aan de overkant ziet ze de voordeur opengaan en haar echtgenoot met een rood aangelopen gezicht om zich heen kijken. Ze wil het uitschreeuwen van de pijn maar weet haar gil te onderdrukken door in de rand van haar doordrenkte capuchon te bijten.

Hoe lang ze in de keuken had gelegen wist ze ook niet meer, maar Rick had al op de bank voor de tv gelegen toen ze was bijgekomen. “Waar blijft mijn bier,” had hij gegromd. Ze had hem zijn biertje gebracht en was weer in de keuken gaan zitten. Zoals altijd. De dag had als alle andere geleken, maar van binnen was er iets veranderd. Een soort oerdrang had zich van haar meester gemaakt. Wachtend tot hij in slaap zou vallen had ze de afwas nog gedaan en de restjes tomaat uit haar haren gevist. Vervolgens had ze haar vest aangetrokken en was naar buiten gelopen. Het had simpel geleken… Met hetzelfde mes dat hij voor de laatste keer op haar keel had gezet: “Ik snij dat mooie strotje van je open,” zou ze hém deze keer de mond snoeren. Maar bij iedere stap die Regina had gezet waren haar benen zwaarder geworden.

De regen blijft stromen. Tezamen met de golven pijn die nu onophoudelijk door haar lijf raast. Mijn God laat het ophouden, wenst ze vurig.
Rick staat stil, alsof hem opeens iets te binnen schiet, en stormt weer terug het huis in. Het mes, realiseert Regina zich. “Als je ooit bij me weg durft te gaan zorg ik er eigenhandig voor dat je nooit meer gevonden wordt,” dreunt het door haar hoofd.

Daar lag het. In de kliko. Tussen kattengrit, kliekjes en wegwerpluiers. Gewikkeld in een G-star vest.
Toen het moment daar was dat Regina met ingehouden gekreun een overweldigende druk had gevoeld, was haar man net bij de auto aangekomen. Hysterisch had hij met zijn rug naar haar toe staan roepen: “Waar ben je?”

Ze heeft het dampende, glibberige hoopje dat ze uitperste opgevangen en op haar schoot gelegd. Een grauw, open mondje – dat in een laatste poging tevergeefs naar leven moet hebben gehapt - had haar wezenloos aangegaapt. Ze durfde er niet naar te kijken toen ze met een ferme haal doorsneed wat hen had verbonden. De laatste golf levenswater sijpelend uit hun levensaders. Het heeft geen geluid meer gemaakt of bewogen. Zelfs niet heel even. Dus is Regina opgestaan, naar de stoeprand gestrompeld en “hier ben ik” gemompeld. Met in haar bevende, opgeheven hand het mes waar ze de tomaten nog mee had gesneden. Een plas waterig bloed met stukjes achterlatend.

Desiree Vos

Desiree Vos is een alleenstaande moeder uit Den Bosch. Naast, en misschien wel dankzij, een enerverend maar genoegzaam leven is schrijven haar grootste passie en ambitie. Autodidact, maar gefascineerd door de drijfveren en zwakheden van mensen die hangen naar de donkere kant van het leven. Waardoor ze nooit gebrek aan inspiratie heeft.



Bezoekersreacties: