Eva Noorlander
Door: Els op 1 juni 2008

Vorige week verscheen het boek In Dubio van Eva Noorlander, een auteur die zich graag in de luwte terugtrekt. Toch zijn wij nieuwsgierig wie deze vrouw is achter het pseudoniem en we werden beloond met een openhartig interview. Recensente Els stelde Eva de volgende vragen:

1. Proficiat met je debuutroman In Dubio. Ik heb het met veel plezier gelezen. Hoe ervaar je dat zelf, een eerste boek uitbrengen?

Eva:
Dat is zo verschrikkelijk spannend! Ik had geen idee hoe dat werkte. Ik had op een gegeven moment een verhaal, en dat werd meer en meer... totdat ik iets had dat op een echt boek leek. Op aanraden van een vriend heb ik het naar een uitgever gestuurd. En dan ligt er ineens gewoon een echt boek. Geweldig, spannend en vooral leuk!

2. Na het lezen van de achterflap was ik er heilig van overtuigd dat dit een verhaal zou zijn van vrouw-laat-zich-in-de-luren-leggen-door-charmante-manipulator (denk aan: 'De verborgen glimlach' en 'Bezeten van mij' van Nicci French of 'Close-up' van Esther Verhoef). Was het een bewuste strategie om in te spelen op de vooringenomenheid van de lezer?

Eva: Nou nee, het was gewoon vanaf het begin af aan de opzet van het verhaal. Natuurlijk lijkt het er op dat Joyce Hamel (de hoofdpersoon) als een blok voor de foute man valt, maar ik wilde het verhaal groter en onvoorspelbaarder dan alleen dat maken. Wat ik wilde, was de lezer zo lang mogelijk in spanning houden en steeds op het verkeerde been zetten. Eigenlijk is het meer een groot spel met de lezers: hoe ver kan ik ze mee laten gaan met Joyce...? Vertrouwen de lezers Thomas, of niet? Dat was het belangrijkste tijdens het schrijven – ik wilde zo veel mogelijk twijfel zaaien en tegelijkertijd zo veel mogelijk begrip proberen te krijgen voor het enorme dilemma waarmee Joyce worstelt. Dat was heel lastig, en ik hoop heel erg dat dat gelukt is.

3. Het lijkt me logisch dat je bij het schrijven van dit boek inspiratie geput hebt uit je vroegere werkervaringen als undercoveragente. In het boek lijkt dit een spannend beroep dat niet zonder risico is. Strookt dit volgens jouw ervaring met de realiteit?

Eva: Jazeker. Daarom is het een dankbaar onderwerp, ten eerste omdat ik er natuurlijk veel over weet, en me helemaal verplaatsen kon in Joyce. Misschien is het boek daar juist wel uit geboren, want de dilemma’s die Joyce heeft, heb ik natuurlijk ook gevoeld. Als was het dan niet hetzelfde 'onderwerp'...

4. In je nawoord richt je je rechtstreeks tot de lezers en zeg je dat je hetzelfde werk gedaan hebt als Joyce Hamel, undercoveragente, maar dat iedere vergelijking daar ophoudt. Toch vraag ik me als lezer af hoeveel Eva er in Joyce schuilt en omgekeerd. Kostte het je als undercoveragente moeite om afstand te bewaren en om niet persoonlijk betrokken te geraken (objectiviteit/subjectiviteit, sympathie/antipathie,…)? Kon je je werk van je afzetten of nam je de problemen mee naar huis zoals Joyce (nachtmerries)?

Eva: Een beetje van het antwoord zit al in vraag 3. Tja, ik heb dat zo geschreven om verschillende redenen. Er zit heel veel realisme in In Dubio, met name in de dilemma’s en de keuzes waar je voor komt te staan, als undercover. Natuurlijk schuilt er wel iets van Joyce in mij, of omgekeerd. Als undercover kom je in heel andere werelden, waarin je je als een kameleon moet gedragen. En die werelden zijn soms heel erg aantrekkelijk. Er gaat veel geld in om, je krijgt dure auto’s, dure kleren en de mensen waar je mee omgaat zijn van een heel ander ‘level’. Ook die kunnen soms heel charmant zijn. Je moet dan ook heel sterk in je schoenen staan. Je moet karakter hebben, en tevreden zijn met je leven en je werk. Er was een strenge selectie en je werd ontzettend goed begeleid. Problemen werden zo goed en zo kwaad als het kon snel onderkend en het kwam dan ook wel voor dat mensen van een opdracht afgehaald werden. Maar dat was zeldzaam hoor, dat zoiets gebeurde.

5. Ik heet Els, mijn charmante vriend Thomas. Laat dit nu net ook de namen van twee van de personages zijn. Hoe kies je als schrijver namen voor je personages?

Eva: Haha, wat een grappig toeval! Wist ik niet van tevoren hoor! Nee, de namen heb ik eigenlijk gewoon verzonnen. Ze moesten lekker 'klinken' en (wat heel belangrijk is) goed voelen. Wat je wel altijd moet doen, zijn ‘sterke’ namen verzinnen, dat weet ik wel. Dus niet je hoofdpersoon Jan-Peter noemen of zo, tenzij ze undercover in een studentenhuis moet. (Ik hoop dat er niemand Jan-Peter in je omgeving heet??? ;-)

6. Als Vlaamse met Kempische roots ben ik verheugd dat de stille Kempen, en meer bepaald de grensstreek Lommel-Luyksgestel, het decor vormen voor een sleutelmoment in het boek. Vanwaar precies deze locatie?

Eva: Het is zo mooi daar! Ik ben er, vele jaren geleden, een keer doorheen gereden en voelde eigenlijk letterlijk wat ik in het boek heb geschreven. Het was daar zo rustig en vreedzaam, dat er in de rest van de wereld van alles kan gebeuren, zonder dat iemand zich er daar druk over maakt. Ik ben er daarna nog wel een paar keer terug geweest. Het is een eigen, veilige wereld, totdat er iets vreselijks gebeurd. Zoals in het boek.

7. Je wisselt het ene eenzame beroep voor het andere (van undercoveragente naar schrijfster). Is Eva Noorlander een eenling?

Eva: Nee hoor, nu zeker niet meer. Althans 'Eva Noorlander' misschien wel, omdat ze weinig contact heeft met mensen, maar ikzelf niet. Het grappige is dat jullie me alleen als Eva Noorlander kennen, maar de mensen hier in de US weten nu weer niet dat ik Eva Noorlander ben. Ik heb een rijk sociaal leven, met een heerlijke vriend. Ik kan, op momenten, me wel heel alleen voelen, als ik nadenk over hoe alles is gelopen en wat voor keuzes ik heb gemaakt. Dan vraag ik me af wat er zou zijn gebeurd als ik dat werk niet gekozen had... Maar ja, dat is nou eenmaal wel gebeurd en er is niets aan te veranderen. Misschien is dat nou juist het leuke van schrijven, bedenk ik me nu. Je kan alles laten gaan, zoals je dat zelf wilt....

8. Op de spanningsblog werd er ophef gemaakt over het feit dat je je identiteit verborgen houdt. Iemand neemt zelfs het woord 'publiciteitsstunt' in de mond. Had je deze commotie verwacht toen je je het pseudoniem Eva Noorlander aanmat?

Eva: Nee, maar mijn uitgever uiteindelijk wel. Ik had nooit verwacht dat er iets met mijn verhaal zou gebeuren eigenlijk. Het was een groot avontuur, maar ook een wilde gok, toen ik de dikke envelop naar Nederland stuurde met een verleidelijk briefje erbij, haha! Ik had niet echt verwacht dat het iets zou worden, maar toen ik ineens een heel positief mailtje kreeg, moest ik echt even slikken. Ik vertelde de uitgever wat ik allemaal niet wilde....en dat was heel lastig, dat snapte ik. Maar hij vond het boek zo goed, dat hij het voor lief nam. Ach, ze mogen denken wat ze willen. Het gaat mij om het boek. Ik heb een keer de fout gemaakt om te reageren op dat spanningsblog, en ik denk niet dat ik dat nog een keer zal doen. Vond het een beetje flauw en aanvallerig, hoe het daar aan toe ging. Het is geen stunt, maar ik kan niets anders doen dan alleen maar zeggen dat het niet zo is.

9. Is schrijven op dit moment je hoofdbezigheid of een bijberoep?

Eva: Ik help mijn vriend met zijn werk. We reizen veel door de US, en ik vind het heerlijk om te schrijven. Had eigenlijk nooit gedacht dat ik het zo leuk zou vinden. We hebben tijd genoeg voor elkaar, maar als hij weg is, duik ik vaak achter de laptop. Eerst om gewoon oude eherinneringen vast te leggen, en gaandeweg om een verhaal te schrijven. Ik voel me nog niet echt een 'schrijfster'... maar het kriebelt wel!

10. Laatste vraag: ben je al bezig met een volgende roman en wanneer komt deze uit?

Eva: Ik heb nooit gedacht een tweede verhaal te schrijven, maar Joyce Hamel voelt zo verschrikkelijk goed, en de reacties zijn zo hartverwarmend en geweldig, dat ik niet kan wachten om weer te beginnen!

Els



Bezoekersreacties:
sylvia (48) op 25 januari 2010:
ik had al veel over jou boek gezien op verschillende boeken sites.gelukkig kwam ik hem tegen in de bieb en heb hem in een adem uitgelezen.hetis een goed verhaal en heel goed geschreven.hoop dat je nog meer boeken gaat schrijven.