Isabel Bodar
Door: Annette op 14 maart 2013

Begin maart ontmoette ik Isabel Bodar in haar schrijversatelier. In februari kwam haar debuut Intuïtie uit, een vrouwenthriller waarin Anne iets verschrikkelijks overkomt. Wanneer ze haar dochtertje Femke gaat ophalen van de naschoolse opvang, blijkt het blijkt het meisje verdwenen. Isabel en ik hadden een gezellig gesprek over haar boek, het schrijverschap en de Nederlandse taal.

Op de website van De Crime Compagnie staat bij jouw naam enkel “Mysterieuze debutante”. Waarom zo geheimzinnig? 
Isabel: Ik wil graag anoniem blijven. Vanwege mijn verleden wil ik niet dat sommige mensen mij op het spoor kunnen komen. En ja, je had het vast al geraden, Isabel Bodar is een pseudoniem. Meer wil ik hierover eigenlijk niet zeggen.

Je thriller Intuïtie is vorige maand verschenen. Hoe is dat in z’n werk gegaan en wat vind je van het resultaat?
Isabel: Ik ben heel tevreden over het resultaat. Ik heb ongeveer anderhalf jaar geschreven aan Intuïtie. Het was als het maken van een kunstwerk. Eerst heb ik gehakt tot de eerste vormen duidelijk werden, daarna heb ik geschaafd, vervolgens heb ik de afwerking gedaan met grof schuurpapier en tot slot fijn schuurpapier. Toen mijn manuscript eindelijk af was heb ik het naar De Crime Compagnie gestuurd. Zij hebben het gelezen en het ook door enkele proeflezers laten lezen. Zij hebben echt nog wat dingen gevonden in het manuscript die aangescherpt konden worden, qua verhaallijn en ook qua taal.
Ongelofelijk, ik heb alle zinnen heel zorgvuldig geschreven, elke zin heb ik wel een keer hardop voorgelezen aan mezelf, de zin geproefd, gevoeld, maar op een gegeven moment word je echt blind voor je eigen fouten.
De cover vind ik ook heel geslaagd. Het meisje op de coverfoto is precies het meisje wat ik voor me had toen ik aan het schrijven was over Femke, het dochtertje van hoofdpersoon Anne. Het is een mooie ervaring om je eigen boek voor het eerst vast te houden.

In Intuïtie verdwijnt het dochtertje van Anne. Femke lijdt aan PDD-NOS. De dader is misschien wel te vinden in het verleden van Anne. Waar kwam dit verhaal vandaan? Is het autobiografisch? 
Isabel: Nee, het is niet autobiografisch. Ik wilde graag een thriller schrijven en het leek me de ergste nachtmerrie voor iedere moeder als ze haar kind kwijtraakt, zeker als ze mogelijk zelf schuldig is aan dit drama. Dat gegeven was het uitgangspunt van deze thriller. De plot heb ik later verzonnen.
Dat Femke PDD-NOS heeft past wat mij betreft echt in het verhaal. Haar stoornis heeft er toe bijgedragen dat Anne en haar man Marcel gescheiden zijn. Ook maakt het Femke wat onvoorspelbaar, zo komt in Intuïtie een paar keer terug dat Femke soms wegloopt. Om dit geloofwaardig te maken heb ik veel gelezen over PDD-NOS.

Welk van de personages die je hebt opgevoerd in Intuïtie vind je zelf het meest interessant?
Isabel: Anne is een sterke vrouw, is intelligent, heeft een goede baan, laat zich niet snel van de wijs brengen. Hoewel ze niet in alles op mij lijkt, leefde ik tijdens het schrijven vooral mee met haar. Het moeilijkst vond ik om de emoties die Anne voelt te doseren. Ze blijft lang overeind onder alles wat ze meemaakt, maar uiteindelijk stort ze toch in. Het was een uitdaging om een goede balans te vinden en dit geloofwaardig te beschrijven.
Ook Frank vond ik een fijn personage om over te schrijven. Hij is de stabiele factor voor Anne, een houvast, een soort broer op afstand.
De Haan is niet mijn favoriete personage, een beetje te macho. Maar voor de contrastwerking vond ik dat nodig. Niet omdat een politieagent altijd macho moet zijn, maar Anne is sterk en bedachtzaam, daar wilde ik graag een wat botte politieman tegenover zetten. Tegelijkertijd is hij toch ook wel weer interessant. Hij heeft ooit een jong meisje niet kunnen redden, en daarom doet hij zijn uiterste best om Femke wel te redden. Ergens in dat botte uiterlijk zit toch wel een klein hartje.

Iedereen is verdacht in Intuïtie. Was het moeilijk om het verhaal zo te construeren dat zo lang onduidelijk blijft wie de dader is?
Isabel: Toch niet iedereen is verdacht?
Jawel, toen ik het boek las, vond ik iedereen verdacht.
Isabel: Dat heb ik niet bewust gedaan. Sommige personages heb ik bewust verdacht gemaakt, maar niet iedereen. In de eerste versie van het manuscript was al eerder duidelijk wie wel en niet verdacht waren, maar met behulp van Ilse (red. Ilse Karman van De Crime Compagnie) en de proeflezers zijn er enkele scenes bijgekomen die ervoor moeten zorgen dat een aantal personages langer verdacht blijven. 
 
Wat lees je zelf?

Isabel: Eerlijk gezegd lees ik slechts af en toe een thriller. Ik lees vanalles: veel biografieën, Nederlandse literatuur. Het laatste boek dat ik gelezen heb is Tonio van A.F.Th. van der Heijden, boeiend en een mooi voorbeeld van goed gedoseerde emoties. Zorgvuldig geschreven, daar houd ik van.

Komt er nog een vervolg, of een tweede boek van Isabel Bodar?
Isabel: Dat is wel de bedoeling, Ik heb genoeg ideeen. Misschien heeft Evelien, de vrouwelijke collega van politieman De Haan wel een rol in het vervolg. Of misschien wordt het een thriller met nieuwe personages. Op dit moment ben ik nog aan het nadenken, en moet ik de rust weer vinden om echt te beginnen met schrijven.

Annette



Bezoekersreacties: